Deze bescheiden ‘Hallehuisboerderij’ ligt op de overgang van het stroomgebied van de IJssel en uitlopers van de Veluwe, op de grens van klei en zand in de omgeving van Oeken (gem. Brummen). De oppervlakte van het perceel is 3.30.00 ha. De boerderij wordt al op een kaartfragment uit 1830 vermeld. De benaming ‘De Heidebloem’ wordt voor het eerst vermeld op de topkaart van rond 1900.

De eigenaren woonden al vele jaren op deze woonboerderij, maar besloten tot een ingrijpende renovatie en reconstructie. Het landelijke karakter van de woonboerderij was door eerdere bewoners middels een modernisering ernstig aangetast.

Aanvankelijk was nieuwbouw door de architect voorgesteld, maar dat vonden de opdrachtgevers niet passend in deze landelijke omgeving. In deze fase werden wij ingeschakeld om mee te denken over de inpassing van het terrein in het landelijke gebied en het ontwerpen van landschapsplan en erf.

De kracht ligt in de omgeving, een fraai gebied afgewisseld met boscomplexen, houtsingels, meidoornheggen en weilanden. De woonboerderij ligt tamelijk besloten tussen deze coulissen, met aan de ene zijde een oude boomgaard en aan de andere zijde een perceel met oude boomgroepen, bestaande uit eiken en tamme kastanjes met een stamomtrek van gemiddeld 1.00 m.

Het erfensemble was tamelijk traditioneel van opzet, bestaande uit de woonboerderij en enkele opstallen in de vorm van een garage/berging, stal/hooiberging, kippenhok en bakhuisje. Naderhand is besloten het bakhuisje te amoveren, het vormde een storend element voor het gewenste uitzicht.

Aan de straatzijde van de woonboerderij ontbraken de typische men-, of deeldeuren. De hoofdentree was weinig uitnodigend en ook nog moeilijk bereikbaar. De entree naar de garage en voordeur lagen van de weg afgekeerd aan de landschapszijde.

De woonboerderij heeft na de verbouwing aan de straatzijde weer de kenmerken van de karakteristieke boerderij voor dit landschaptype gekregen. De deeldeuren vormen nu de entree van de woonboerderij en de ruimte ervoor is het verkeersgebied. De toegang tot de garage en inrichting van het erf is daarop afgestemd. Woonboerderij en garage zijn door een tuinmuur met elkaar verbonden waardoor er een duidelijke functionele scheiding is ontstaan tussen ‘voor’ en ‘achter’.

Aan de achterzijde heeft de woonboerderij een rijker voorkomen gekregen, hier bevinden zich dan ook de siertuin, gazon, boomgaard, moestuin, stal en kippenhok.

De oude boomgaard is binnen het stramien aangevuld met een jonge aanplant. De vrij staande oude boomgroepen zijn in het tuinontwerp geïntegreerd.

Een zeer oude en karakteristieke kers is nu een markante blikvanger tussen twee langgerekte bloemenborders. Het gazon gaat aan het eind naadloos over in het bloemrijke grasland dat doorloopt tot aan de bosrand.

boerderijtuin Wenum Wiesel

vorige